
de Volkskrant
24 april 2018 dinsdag
Section: V Opening; Blz. 2
 ENITH VLOOSWIJK
Highlight: Berichten verspreiden zich vaak razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden. Deze week: Vier keer zoveel mensen als twintig jaar geleden lopen de ziekte van Lyme op.
Van wie komt die claim?
In de 'Week van de teek' kunnen we zeker zijn van nieuwsberichten over de spinachtige beestjes die de ziekte van Lyme kunnen overdragen. Inderdaad stonden de media de afgelopen week bol van berichten over deze aandoening. Het RIVM kwam met cijfers: in 2017 liepen vier keer zoveel mensen Lyme op als in de jaren negentig.
Klopt het?
De cijfers zijn gebaseerd op enquêtes van het RIVM onder Nederlandse huisartsen. De artsen moesten invullen hoe vaak ze het voorgaande jaar erythema migrans hadden vastgesteld bij hun patiënten. Dat is een vroeg stadium van Lyme, gekenmerkt door een rode ring of vlek op de huid. 

In 1994 noteerden de huisartsen naar schatting 6.000 gevallen, in 2017 waren het er ongeveer 25.500, ruim vier keer zoveel. 

In de jaren negentig was de ziekte van Lyme echter nog niet zo bekend als nu. Kan de toegenomen aandacht voor de ziekte de enorme diagnoseverschillen met twintig jaar terug misschien mede verklaren? RIVM-onderzoeker Kees van den Wijngaard sluit 'enige invloed' van die groeiende bekendheid niet uit, maar denkt niet dat dit het beeld wezenlijk zou veranderen. 

Hoogleraar Joppe Hovius van het Amsterdams Multidisciplinair Lymecentrum sluit zich daarbij aan. Als de grote toename mede veroorzaakt zou zijn door een groeiende aandacht voor de teek na de jaren negentig, zou daar ergens een opvallende stijging te zien moeten zijn. Het aantal diagnoses stijgt tussen 1994 en 2009 echter in een vrij rechte lijn. Daarna vlakt de groei even af, maar tussen 2014 en 2017 loopt de lijn weer steil omhoog. 

'De aandacht is nu al jarenlang groot, maar de groei zet nog altijd door', zegt Van den Wijngaard. 

Bovendien deed het RIVM in 1996 en 2006 nog een andere steekproef, waarbij Nederlanders werd gevraagd of ze de afgelopen vijf jaar waren gebeten door een teek - los van de gevolgen. In 1996 waren dat nog ongeveer 4.099 op de 100 duizend mensen, in 2006 waren het er 7.198. Die stijging loopt gelijk op met de toename van het percentage huisartsconsulten in verband met tekenbeten in dezelfde periode. 

De kans dat je ziek wordt van een teek is gelijkgebleven. Het aantal mensen met Lyme kan dus alleen toenemen als meer mensen worden gebeten door teken. Volgens de Wageningse onderzoeker Arnold van Vliet nemen de teken op bepaalde locaties inderdaad toe, maar is vooral de trefkans groter geworden. 'Vroeger waren er echt nog gebieden in het land waar geen tekenbeten werden gemeld. Die zijn nu verdwenen. Eenderde van alle tekenbeten wordt gewoon opgelopen in de tuin.' 

Een toename van gastheren - zoals muizen en vogels - waarop teken graag zitten lijkt een van de belangrijkere oorzaken te zijn.
Eindoordeel
In 2017 liepen inderdaad vier keer zoveel mensen de ziekte van Lyme op als in de jaren negentig.



